In een Barbiewereld

(Dahab, km 49243 )
“Dit is Egypte niet meer,” waarschuwt de politieman als we de enorme stadspoort van Sharm Al Sheikh doorrijden. En nee, hier geen hoofddoeken, brokkelige piramides, stoffige steegjes, of straatkinderen met waterkruiken van klei. Alles fonkelt en blinkt. Boulevards, palmbomen, zwembaden, designwinkels, capuccino in plaats van Turkse koffie en prijzen die ook niks meer met Egypte te maken hebben. De toeristen hier zijn voornamelijk Russen die op hun beurt niks met Rusland te maken hebben. Helblond, bruin, dun, een karikatuur van een karikatuur van Amerika. Allemaal Kens en Barbies in een Barbiewereld. Er is hier wel een moskee, maar de muezzin zingt alleen heel kort middenin de nacht, alsof hij niet durft te zien wat er in het daglicht gebeurt.
En in dit wonderlijke universum treffen wij Nanda, Liekje, Simon en Robin en die ontmoeting kon niet echter en hechter zijn. Wat hebben we ze gemist! De dagelijkse gesprekjes met mijn zus, de kleine neefjes zien groeien. Voor het eerst horen we Robin praten.

Onthecht

De eerste maanden van onze reis begon ik steevast elke avond tegen Ilco te kletsen over mijn familie en vrienden. Zelf viel het me niet eens op, totdat Ilco zei: “Elke avond moet je eerst een uurtje over je dierbaren praten.” En ja, ook al waren we in we in de woestijn, tussen de wilden, aan de voet van een waterval, altijd kwamen die vriendinnen er weer bij zitten.
Maar dat is na vijftien maanden reizen langzaam overgegaan. Ik zit nu helemaal alleen met Ilco in die woestijn. Mijn man, mijn dochters en mijn auto. En mijn verhalenschrift. Dat is het. Het is niet dat ik ineens een Afrikaan ben geworden. Maar als ik zo om me heen kijk op de boulevards van Sharm el Sheikh, voel ik me ook niet meer westers. De Dolce&Gabana winkel ren ik snel uit. Niet nu!
Toch, of misschien juist daardoor, voel ik me enorm gelukkig als ik samen met Nanda in het water onder leiding van een Egyptische Ken mee sta te swingen met de clubdans van het all inclusive hotel waar zij met haar familie is neergestreken. Armen opzij, armen omhoog, en GIL! De Russiche meiden steken hun puntborsten naar voren en Bloem en Chaia kijken verbijsterd toe vanaf de kant, maar Nanda en ik zijn (bijna) de schaamte voorbij.

.

Neefjes

We gaan kamperen op een verlaten strand. Aan de ene kant ligt de kale stenen woestijn van de Sinai, aan de andere kant zijn de onwaarschijnlijk felle onderwaterkleuren en vissen van de Rode Zee. We snorkelen de hele dag en ’s nachts roosteren we garnalen en marshmallows boven het kampvuur.
Als we Nanda, Liekje en de neefjes na een week weer op het vliegveld brengen, verbijsteren we de versgebruinde toeristen (Russich en Nederlands) in de vertrekhal met ons onelegante gesnik. Zo snel gaan de goede momenten voorbij en het leven alweer verder. Stilletjes kruipen we in de Landrover. Ik heb zo’n vermoeden dat ik de komende weken weer veel avonden over mijn dierbaren moet praten.

Eén voor je tranen
Twee voor de mijne
Drie voor de horizon waaraan we verdwijnen…

(Blof)

Categorieën: afrikareis

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*