Amazing days

(Krokobite, Ghana, km 18054)
Om bij te komen na de ziekte van Chaia zijn we de vieze stad uit gevlucht naar een tropisch kratermeer. Hier horen we weer vogels, hier kunnen we weer buiten leven.
Voor de Ashanti is dit een heilig meer. Ze geloven dat hier de zielen van de doden komen om afscheid te nemen van de god Twi. Het is dus eigenlijk een soort transit-plek. De vissers varen niet in boten, maar op planken en gebruiken handpeddels om de doden zo min mogelijk te storen.
Ik zwem in het meer dat rustig en vredig is. Ergens onder me zwemt Roef, die deze week, veel te vroeg, is overleden. ik kende zijn vrouw, Susan en moet al dagen aan haar denken. En er zijn nog meer doden om mij heen. Laura, Jozefien. Ilco’s vriend Wim. Bert, de man van mijn beste vriendin en vader van mijn “petekindje” Madelief. En mijn neefje Jeroen natuurlijk, hij zou nu negentien jaar zijn.
Het is een mooie plek om afscheid te nemen van de wereld, denk ik, zelfs als je eigenlijk nog niet van plan was over te stappen, en ik zwem een tijdje met ze mee. Mijn lieve doden.

Ilco: ” En heb je ook nog gewoon lekker gezwommen?”

Ruimte

Is het niet gevaarlijk wat jullie doen, wordt ons af en toe gevraagd. Want we rijden over soms onbegaanbare wegen, ver van de bewoonde wereld, en dwars door gebieden met tropische ziektes.
Natuurlijk vragen we ons dit zelf ook wel eens af. Het was bijvoorbeeld afschuwelijk dat Chaia malaria kreeg, ondanks al onze voorzorgen.
Maar hoe veilig ben je in Nederland? Roef zat gewoon te eten in een Amsterdams restaurant toen zijn hart plotseling stopte. Hij was even oud als Ilco… We moeten dus wel vertrouwen op die engeltjes die steeds met ons meerijden. Alleen Isfahan, dat ook nog in ons reisplan staat, dat moeten we misschien maar overslaan.
En er is nog iets. Als je van de kust van Senegal dwars door West Afrika gaat via Timboektoe en dan eindelijk aankomt bij de kust van Ghana, dan is dat strand zo wit en dan zijn die palmbomen zo groen… Er zijn hier zoveel ” amazing days”, zegt een Engels meisje dat nu een jaar in Ghana woont, zoveel meer dan in Londen. Dat is waar. Ik loop langs de zee en voel hoeveel ruimte er is in mijn hoofd om bijvoorbeeld te schrijven. Er zijn geen andere ” zorgen” dan waar ik hier in vredesnaam een dagcreme vindt die niet bedoeld is om de zwarte huid op te bleken – en, o ja, hoe laden we hier de schoolcomputer van de meisjes op zonder stroom?

Bootwerker

Met Chaia gaat het trouwens geweldig. Ze eet en eet als een bootwerker met een lintworm. Eieren, worst, patat, kip. Ze is al bijna weer op haar oude gewicht. Ook zij is blij hier, samen met Bloem in de reuzengolven.
Voor Dunya maakt het waarschijnlijk niet veel uit waar ze zit. In Nederland zou ze de eendjes brood geven, hier voert ze de krokodillen in een meertje verderop. En, ja pap, we kijken heel goed uit dat ze er niet in tuimelt!

Categorieën: afrikareis

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*