Categorieën
Verhalen van een Amsterdams leven

Met ogen wijdopen

‘Het is toch niet te geloven dat de vorige keer twee jaar geleden is.’

Iets met een zaaltje vol mensen, bier, dreunende bassen. Met dansen voor een podium.

Onwerkelijker

Ik weet niet precies wat ik onwerkelijker vind: dat we twee jaar hebben geleefd zonder mensenmassa’s, theater, dansen, café’s, restaurants, in een sociaal en cultureel vacuüm. Of hoe snel alles weer voelt als nooit weggeweest. Een beetje zoals de spiegelgladde zee in Vlissingen dit weekend, geen wolkje aan de lucht. Waar zijn die gruwelijke stormen  van de afgelopen week ineens gebleven, het hoogwater, de meedogenloze golven?
Zondagavond. In een ramvolle trein terug naar Amsterdam, mensen staan in de gangen, sjouwen met grote koffers want vakantie. Luide telefoongesprekken, carnavalskleren, dronken pubers.
Ook dit is onwerkelijk: dat 2000 kilometer verderop op dit moment ook mensen in bomvolle treinen zitten met koffers en tassen – en dat die mensen in keiharde paniek aan het vluchten zijn.
Waarmee ik niet bedoel dat ik hier niet kan of mag genieten van mezelf, wel dat het een schrijnend toeval is dat ik nu net in deze trein zit en niet in die andere.
Dit wil ik: niks meer als vanzelfsprekend aannemen. Nooit meer. Met ogen wijdopen, erbij blijven.

Zoals er altijd weer ergens een kind een zandkasteel bouwt. En de zee spoelt het sowieso weg. Maar nu -nu, nu, nu- nog niet.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*