Amsterdam, 08 AM

Ik kreeg goed nieuws op een onverwachte plek.

De tandarts is weer open, hoera! Onze haren hangen droef en grijzig op de schouders maar onze tanden blikkeren. 

Heel mooi dit

Het was heel vroeg en het regende. Ik was vergeten hoe het was: zo’n ochtend dat de winkels net open gaan, de mensen naar hun werk, regenjassen, schemer. Droge straten met lenteregen erover, die geur. En ik straalde iedereen tegemoet.
Want dit had de specialist gezegd: ‘Heel mooi dit. Echt heel mooi.’ Op zo’n slepend toontje want zo praat die man. Juichend maakte ik een afspraak voor meteen volgende week weer in die stoel, nog net niet gillend rende ik naar buiten en kocht onmiddellijk koffie om iets echts te proeven na al die antibacteriële troep. Hoe fris was de stad! Hoe zoefden de trams en rommelden de vrachtwagens met al hun bevoorradingen en sisten de schoonmaakwagentjes erop los. Hoe vertrouwenwekkend waren ook alle zakenmannen met hun regenjassen en aktetassen. Gewoon lekker geld verdienen, alles komt goed. Bij de wijnwinkel zat de eigenaar rustig iets te lezen tussen al die fonkelende flessen in een verder grotachtige sfeer. En ineens dacht ik: zal ik wijnboer worden? Is een oud plan, ik heb zelfs de diploma’s. Schrijver en wijnboer is een perfecte combinatie natuurlijk. 

De specialist heeft gelijk: was het een half jaar geleden nog zijn plan om vier kiezen en twee tanden te trekken, nu volstaat een vervolg op de ‘intensieve behandelingen’ die we al doen, en heb ik nog anderhalf jaar respijt! Anderhalf jaar! Dan leven we in een compleet nieuwe wereld.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*