Ode aan de momenten (84)

Het is tien uur ’s avonds als ik langs de Hema op Centraal kom. Precies twaalf uur geleden was ik hier ook en kwam ze aanlopen. 

Hoe snel gaat de tijd?

Rugzakje

In die twaalf uur hebben we bijna nonstop gepraat. We hebben gepicknickt, kunst gekeken, gewandeld, gefietst en geproost aan de haven. Ik had het goed voorbereid, dit uitje met de oudste dochter. Een hele dag van haar kostbare tijd had ik gekregen. Dat wilde ik ook heel graag want over minder dan een week vertrekt ze naar Mexico, om daar een half jaar te gaan studeren. Hoe vaak ik ook naar de prijzen van die tickets kijk, omlaag gaan ze niet. Dus dat wordt een herfst en winter zonder haar. En dat went niet – nooit, ben ik bang.
Niet dat we elkaar nou zo vaak zien. Maar als ik zoals vandaag zoveel tijd met haar besteed, word ik altijd zo blij. Het is een lief, wijs kind, een lieve wijze vrouw inmiddels. Zo trots dat ik daar iets mee te maken heb!
En nu is het avond. Ik sta weer bij de Hema op Amsterdam Centraal. Alles is gelopen zoals ik had gehoopt, ik heb verschrikkelijk van haar genoten. En nu is dat waar ik me zo op verheugde alweer een herinnering geworden. Razendsnel – alsof ze een minuut geleden nog maar kwam aanlopen met haar rugzakje en haar wapperende lange haren.

Ik denk dat het zo zal voelen als je doodgaat. Dat je dan verbijsterd opkijkt en denkt: wat? Nu al? Is dat hele leuke leven nu al voorbij? 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*