In a four dog open sleigh

Ik ben dus bang voor honden. En daarom is het een bizar beeld: hoe ik samen met de meiden door de duisternis loop te banjeren met enorme emmers vol slachtafval, die ik onder het prevelen van lieve kooswoordjes zorgvuldig verdeel over een roedel op wolven lijkende honden.
Verderop hakt Ilco een wak in het ijs, om water te halen voor de houtsauna.


Ik had me niet zo goed voorbereid, ik dacht aan een arrenslee, lekker in een rendiervel gewikkeld je een beetje laten rijden. Maar we staan op ski’s en moeten onze eigen honden mennen. Die stuiven er behoorlijk wild vandoor. Niks pluizige huskies, deze zijn gekruist met jachthonden en janken als wolven. Een keer vlieg ik uit de bocht en valt de slee om. Overal sneeuw, ik zie niks meer. Ook krijg ik spierpijn in mijn kuiten, mijn armen. Af en toe vriespijn in je vingers of je tenen. Dan moeten we stoppen en flink bewegen.

Maar verder is het goed te doen. Ik ga zoveel van mijn honden houden dat ik het niet eens erg vind dat ik na een tijdje aan alle kanten stink naar hondenkwijl. En ik ga zoveel van mezelf houden dat ik het ook niet erg vind dat ik me dagen niet mag wassen (het vet op je huid is nodig als bescherming tegen de kou; dagcreme mag al helemaal niet, het water erin bevriest en zorgt met een beetje pech voor frostbite).

Waar de kerstman woont in zijn hutje

Want het is dus prachtig, deze eindeloze tocht over bevroren meren en met sneeuw overdekte toendra’s. Alle kitscherige kerstkaarten van dikbesneeuwde  dennenbomen komen langs, beschenen door oranje en roze ochtendrood dat direct overgaat in avondrood. Het grootste deel van de tijd rijden we door het donker, je gaat er een beetje van hallucineren. Het enige geluid is het gehijg van de honden, de geur is die van hondenpoep en hondenscheten.
We dragen inmiddels dikke pakken waardoor ik nu weet dat ik nooit een astronaut wil worden zo ongemakkelijk. Als je opzij kijkt, moet je hele lijf meedraaien, anders zie je niks vanwege de muts. Ilco is een reus en Dunya het schattigste marsmannetje ooit, alleen haar ogen nog zichtbaar.We stinken elke dag meer naar hond en hout en onze haren zijn vet. Gelukkig zijn er ook geen spiegels.
We roosteren knakworstjes boven een rokerig vuur in een tipi, terwijl we rondspringen tegen de kou,en slapen in een hutje slechts verlicht door kaarsen. De wc daar is een Kleine huis-achtige outhouse en het menu bestaat uit pasta met rendiervlees.
Dan is er dus de sauna die we zelf stoken en daarna de sneeuwscrub of de sneeuwrol. Je wordt er tegelijk heel erg uitgerust en heel erg moe van, van alles.

Bij de foto’s op verzoek van mijn dochter deze tekst: Credits/shoutout naar Chaia van der Linde -Samsung (muv foto 2,6,7 credits Ilco van der Linde).

Reacties (2)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*