Kinderziel

‘Er vertrok net een keurige oma met Kom hier Rosa voor haar kleinkind van vijftien. Ik dacht wel even: o jee.’ Zelfs kinderboeken-Rietje maakt zich zorgen om het tere kinderzieltjein relatie tot mijn boeken. Maar het echte leven is veel wreder.

Ik hoor het bij de kapper, onze dorpspomp. Een jongen van Chaia’s school heeft zijn polsen doorgesneden, hij ligt in het ziekenhuis. Nog erger. Van de daad heeft hij een bloederig filmpje gemaakt en dat op watsapp geslingerd. ‘Ik ga dood en dat kan me niks schelen.’

Nazorg

Ik was er al bang voor. De oudste dochters blijken het filmpje al dagen geleden gezien te hebben. ‘Waarom vertellen jullie dat nou niet aan mij? Zulke dingen wil ik weten.’ In Nederland zou er allang een nazorgteam op school zijn gekomen, brieven naar de ouders,  gesprekken met de directeur, enzovoort. Toch? Ik hoor mezelf zeggen: ‘Willen jullie erover praten?’
Dat willen ze niet. ‘Ik kende die jongen amper,’  zegt Chaia. ‘Hij spijbelde heel vaak, stond altijd buiten het hek te roken. Bovendien spoorde hij niet helemaal.’ Ze is het hele voorval alweer bijna vergeten, lijkt.
Hoezo tere kinderziel? Mijn schatjes hebben al die beelden op hun netvlies, enger dan de engste hororfilm En ze huilen niet eens, hoe kan dat?

Supersterk

Pas later snap ik het het, met boeken werkt het niet anders. ‘Dat kind kan Kan Kom hier Rosa prima lezen’  zeg ik tegen Rietje. ‘Ze filtert heus wel wat ze wel en niet wil meekrijgen.’
Ja, kinderen harnassen zichzelf, zetten een buffer tussen henzelf en de boze buitenwereld. De kinderziel is niet teer, maar juist heel lenig en supersterk.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (1)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*