Wonderlijk

Een ander mooi kerstverhaal (het kan nog net) van mijn moeder bij de Albert Heijn.

Maria, zo heet mijn moeder, spreekt vaak volslagen onbekenden aan op straat om ze te vertellen dat ze er zo leuk uitzien. Of dat ze een snotje in hun neus hebben. ‘Het is toch prettig als iemand ze daarop attendeert?’ Alle winkeliers houden van haar omdat ze niet nalaat te zeggen hoe fijn, mooi, prettig ze die winkels en hun eigenaars wel niet vindt. ‘Jullie hebben altijd van die heerlijke koffie.’ ‘Wat ziet de etalage er weer prachtig uit’. ‘Je oogt een beetje moe, slaap je wel goed?’ Als er baby’s geboren worden, komt ze aan met cadeautjes en als er mensen doodgaan, leeft ze innig mee, als waren het haar meest naaste vrienden.

Clochard

Ook de zwervers en verkopers van straatkranten loopt mijn moeder nooit zomaar voorbij. Ooit, toen wij al uit huis waren, maakte ze een oude droom waar: ze ging een tijdje in Parijs wonen. En daar had ze in een mum van tijd haar eigen clochard geadopteerd. Ze gaf hem brood en wijn en fruit, ook al had ze zelf ook niet zo veel – en elke dag een praatje.
Natuurlijk wordt er misbruik van mijn moeder gemaakt. Ze heeft al een paar keer geld gegeven aan mensen die ‘hun portemonnee kwijt waren en een treinkaartje moesten kopen om hun zieke moeder te bezoeken, zo naar.’ Maar ze is ook geliefd, en dat is niet veranderd nu ze in het tehuis woont. Elke dag gaat ze een paar uur haar buurt in, kletsen.  Een klein wankel vrouwtje, spierwit haar, bonkend met haar wandelstok.

Straatkrant

Een paar jaar geleden zag mijn moeder op kerstavond een zwerver bij de Albert Heijn. Iedereen was al honderd keer aan hem voorbij gelopen, gehaast, tassen vol kerstboodschappen, maar mijn moeder bleef staan, kocht een straatkrant (die ze allang niet meer kan lezen) en vroeg wat hij ging doen met kerstmis. Bij het Leger des Heils eten, vertelde de man, en dat het eten daar zo lekker was. Mijn moeder wilde graag het menu horen en samen stonden ze een tijdje over eten te praten. En daarna over kinderen, de liefde, en het leven in het algemeen.
‘Dank u wel,’  zei de zwerver aan het eind, ‘u bent de eerste die vandaag iets tegen mij heeft gezegd.’
‘Nog een fijne kerstmis,’  zei mijn moeder en ze stak haar hand uit. ‘Ik ben Maria.’
De zwerver staarde haar aan. Hij schudde haar hand. ‘Dat is wonderlijk. Weet u wat mijn naam is? Jozef…’

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (4)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*