El padrino

Het gaat goed met het inburgeren. Van mijn familie dan.

Precies vier jaar geleden – op 5 december- kochten we ons huis in Spanje. Toen sprak niemand van de kinderen Spaans en stonden we nog regelmatig voor de dichte deuren van de supermarkt omdat we weer eens vergeten waren dat er siesta was tussen twee en vijf.

Het is niet wat jullie denken

Inmiddels hebben de meiden hun eigen flamencojurken en is Dunya’s Spaans misschien wel beter dan haar Nederlands. Bloem heeft haar eigen vriendinnenclubje en is dit jaar uitgenodigd om naar het kerstdiner te komen van een school in Granada. En Chaia zit niet alleen op flamencodansen maar tegenwoordig ook op flamenco-gitaarles.
Het allerstoerste is nog wel dat Ilco deze week heel officieel is gevraagd om padrino – peetvader – te worden van een baby’tje dat in volgend jaar geboren gaat worden. Het is het kind van Toñi, de mooiste vrouw van Montefrio, en Frank, een Belgische jongen die nog veel meer dan wij is ingeburgerd. Hij gaat zelfs nooit meer terug naar België, daarom heeft hij nu zijn vriend Ilco als padrino gevraagd. Het is een jongetje (dat weten Spanjaarden altijd lang vantevoren) en Ilco moet er straks in de grote kerk officieel voor tekenen. Dan is hij een beetje mede-verantwoordelijk voor dat kind, bijvoorbeeld als er iets gebeurt met zijn ouders. En de rest van zijn leven zal Ilco de verjaardag van Izan -zo gaat hij heten- onthouden als die van zijn eigen kinderen – en er elk jaar met een groot cadeau naar toe, want dat is de traditie óók.
We zijn allemaal reuze trots en Ilco kondigde het bij de meiden zelfs aan als: ‘Een belangrijk nieuwtje: jullie krijgen er een soort broertje bij…. neeeeee! Het is niet wat jullie denken, niet op die manier.’

Dikke vrienden met de burgemeester

En ik? Ik ga niet op flamencodansen en stiekem vind ik het wel rustig om niet zelf een godmother te worden of, zoals Ilco, dikke vrienden met de burgemeester en alle winkeliers van Montefrio. Laat mij hier maar een beetje onzichtbaar blijven, hoe saai het ook klinkt. Ik zie alles, maar ik hoef niks. Ja, erover schrijven. Dat wil ik altijd het allerliefste.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (1)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*