Aardbeien in de winter

Auberginekoekjes, auberginesaus, auberginegratin, auberginemedaillons, auberginesalade… soms ben ik het zo zat! Wat nou seizoensgroente, wat nou leuk van het land, doe mij iets heerlijk verwerpelijks uit de kas.

Vaak is het een sport. Zie ik iets raars in de groentewinkel en ga het meteen uitproberen. Dan zijn het meestal ouderwetse, in Nederland uitgestorven groenten. Kardoen bijvoorbeeld, dat is een soort bleekselderij, alleen smaakt het veel zachter. Of pastinaak, een witte wortel. Je kunt er chips van maken, of ze gestoofd in boter eten, niks mis mee. Ik had een tijdje geleden ook een soort groene bollen gekocht, waarvan we geen idee hadden wat het was. Na heel lang zoeken kwamen we er achter dat geen groente was maar fruit en wel: custardappel. Iets tropisch uit Peru, dat, net als de maki of de kaki of hoeheethet, ook in Zuid Spanje wil groeien. Je moest ze schillen en dan schenen ze, als een soort snoepje uit Willy Wonka’s chocoladefabriek, tientallen smaken tegelijk te hebben, van yoghurt tot ananas. Niet waar! Hard en raar en zuur smaakten die nepappels, zelfs toen ik er een shake van maakte met sinaasappelsap. Niemand dronk het op, experiment mislukt.

Zwarte tomaten

Maar er is ook veel niet. Ik kan zo verlangen naar venkel. Naar witte asperges, naar echt lekkere spinazie, naar zuurkool (jaaaaa, daar droom ik van… en nu niet zeggen dat je dat zelf kan maken want er zijn grenzen aan mijn kwaliteiten als keukenprinses), boerenkool, peultjes… Of naar aardbeien in de winter en naar alles wat Aziatisch is zoals tauge of paksoi. In plaats daarvan kom ik negen van de tien keer van de groenteman terug met tomaten en aubergine. Ik houd niet echt van tomaat, al heb je die hier in zo’n tien soorten, van groen tot zwart, en heus wel van aubergine, maar ik mis, bijvoorbeeld, verse erwtjes. ‘Kun je die dan niet gaan verbouwen?’  vraagt iemand af en toe. Maar nee, al dat gewroet in de aarde en dat onkruid, ik word al zenuwachtig als ik er aan denk. Ik kan niet eens een plant in huis aan en als Ilco weg is, vraagt hij de meisjes de bloemen buiten water te geven want anders zijn ze dood als hij terugkomt.
Maar nu is Ilco er gewoon en vanmorgen ging hij naar de stad. ‘Neem wat lekkere groente mee,’  had ik gezegd. Deze week al twee keer aubergine gegeten dus ik dacht: hij snapt het wel. Maar nee. Kom ik in de keuken is het eerste wat ik zie: tomaat. En weer die fucking aubergine!

Recept: auberginekoekjes

Pond aubergines schillen, in plakken en even koken tot ze zacht zijn. Water eruit knijpen en fijnhakken. Mengen met half pond gehakt (of een deel met anjovis, als je, zoals ik, ook vegetariers in huis hebt), een losgeklopt ei, teentje knoflook, vier eetlepels geraspte kaas, nootmuskaat, zout, peper, gehakte peterselie en broodkruim, totdat het glad is. Platte koekjes maken en op niet te hoog vuur in de olijfolie bakken. Koud ook lekker (goed voor een picknick).

Categorieën: verhalen van de berg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*