Een lege plek om te blijven

Misschien moet ik mijn lijstje van beste stranden bijstellen. Want gedreven door ons verlangen om altijd door te rijden tot waar alles ophoudt, kwamen we zomaar HIER terecht:

Een baai met azuuurblauw water tussen gigantische rotsen ingeklemd. Net voor de Kaap, helemaal aan het randje van de Algarve. Je moet eerst een ontstellend lange in de stenen uitgehouwen trap naar omlaag en dan sta je op superzacht zand. Er is 1 piratenbar waar ze sardientjes grillen en verder helemaal niks. Zelfs bijna geen andere toeristen. O ja, en er zijn diepe, verlaten grotten om in te klimmen, kano’s en surfgolven.
We zochten dit soort plekken altijd in extreem verre oorden zoals Mozambique en Brazilie, maar nu vinden we het gewoon op een fikse dagreis van ons eigen huis. Hoe wonderbaarlijk is dat?
Daktent staat hoog op het duinplateau tussen de pijnbomen en de koerende duiven. ’s Nachts komt de zeemist, dan is alles zo wonderlijk stil. Een zucht klinkt als een jammerklacht, een stiekem lachje krijgt een eindeloze echo. Een beetje zoals we onderweg op een kunstenaarshuisje zagen staan (maar dan in het Portugees): ‘Een wit huis wordt witter in de stilte’.  Dit is een lege plek om te blijven.

Meisjes

Ondertussen verbaas ik me voortdurend over hoe groot die oudste meiden al zijn. En dan ineens weer niet. Uren moeten ze steeds douchen en klooien met zeker drie soorten shampoos en ook nog eens cremes om hun haar zacht te maken. Meteen daarna duiken ze weer uren in het zoute water. Ze hebben genadeloos commentaar op de borstvergrotingen, die, vooral onder Spanjaarden, vrij gebruikelijk zijn en worden boos als je oppert dat het soms best mooi is. Of neem de Portugese mannen (en jongens). Een verademing met de Spaanse boeren van Montefrio vind ik het. Veel swingender. Maar nee hoor, alle jongens zijn nog steeds ‘walgelijk’.  De leuke ober die een charmant scheef mondje heeft, wordt, nog terwijl hij ons bedient, afgekraakt: ‘Heeft die man de bof ofzo?’ En o wee, als ik iets leuks  over een man zeg, dan is het: ‘Papa, hoor je dat? Mama zit stiekem naar andere mannen te kijken.’ En, keihard: ‘Je moet je rug beter insmeren, de vellen hangen erbij als enveloppen.’
Terwijl ze er zelf zo prachtig uitzien in nieuwe jurken en nieuwe strandsieraden waar ze mee rond paraderen. Maar dan ineens zitten ze weer op schoot, allebei. Of dan gaan die sieraden razendsnel weer uit en rennen ze achter Dunya aan om paardje te gaan spelen….

Categorieën: verhalen van de berg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*