En nóg een enge man (of zou het aan mij liggen?)

Mijn echtgenoot is een killer.
Ik wist het ook niet, maar dat zegt John de baptist. En die kan het weten want hij heeft een directe lijn met God.

Warmte

John de baptist (zo wordt hij hier genoemd) komt ons huis binnen met warmte. Letterlijk, want hij gaat een op olijfpitten brandende verwarming installeren. En de warmte van God krijgen we er gratis bij. ‘Hoeveel radiators wil je en geloof je in God?’ vraagt John bijvoorbeeld. En: ‘Wist je dat hindoes zo dom zijn dat ze denken dat de Verlosser door hun poepgat wordt geboren?’ ‘Ja, en de Christenen denken serieus dat er een kind geboren kan worden zonder sex,’ kan Ilco niet nalaten te zeggen. Het komt hem op een verwijtende – om niet te zeggen teleurgestelde- blik van John te staan.
John de baptist is ook erg begaan met onze veiligheid. ‘Hebben jullie geen alarm?’ schrikt hij. ‘En jij gaat soms zomaar op reis en laat je vrouw en dochters achter? Weet je wat er dan allemaal kan gebeuren?’ En hij trekt mij in een hoekje en begint te fluisteren wat er allemaal kan gebeuren als Ilco niet thuis is. Kennelijk heb je in zulke situaties dan weer niet veel aan God.

Mijn echtgenoot is een killer.
Ik wist het ook niet, maar dat zegt John de baptist. En die kan het weten want hij heeft een directe lijn met God.

Slagveld

Twee weken later is de verwarming klaar. En ons huis een ongelooflijke puinhoop met overal open leidingen en gaten in de muren. ‘Klaar,’ glimlacht John. ‘Wat zullen jullie blij zijn straks als het winter is.’
Klaar? Moeten wij nu zelf met emmers cement in de weer om het slagveld weer mooi te krijgen? John blijft lachen. ‘Je hebt nu toch verwarming?’
Het wordt nog een heel gedoe. De baptist geeft geen krimp. Als we bellen is hij altijd in de kerk, elke dag van de week. Eindelijk komt hij dan toch. Ilco krijgt een stevige omhelzing van hem. ‘Je ruikt zo lekker fris,’ lispelt John, ‘zijn we nog vrienden?’
‘Wanneer maak je de klus af?’ vraagt Ilco onverstoorbaar. John schudt droevig zijn hoofd. Hij is even stil, alsof hij God zelf raadpleegt over de kwestie. ‘Ik begrijp het,’ zegt hij dan berustend, ‘je bent eigenlijk een killer.’ Drie dagen later is ons huis weer op orde. Godzijdank.

Categorieën: verhalen van de berg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*