Ode 99, aan de burenruzie

Ik denk dat we allemaal wel zo’n buurman hebben.

Een vriendin is net verhuisd en had haar fiets aan zo’n nietje vastgemaakt. De buurman had vervolgens haar fiets klemgezet met een ketting. Wat bleek? Het was ‘zijn’ fietsnietje, hij had het aangevraagd. Dus of zij haar fiets maar heel snel weg wilt halen.

Blinde haat

Mijn eigen buurman (het hotel hiertegenover) kieperde mijn eigen vuilniszak leeg voor mijn deur toen ik hem een keer per ongeluk op de verkeerde plek of tijd had buiten gezet. Ik woonde hier toen net en in zulke gevallen is het moeilijk niet te huilen. Temeer omdat ik me de parallel met mijn moeder herinnerde die na haar scheiding een keer haar huisje niet uit kon omdat de buurman haar (kennelijk ook al verkeerd geplaatste) vuilniszakken aan haar voordeur had vast getapet. Ik voel nog de ontreddering van mijn moeder en mijn eigen blinde haat jegens de buurman. In gedachten heb ik hem vaak de huid vol gescholden: durfde hij wel, tegen zo’n hulpeloze en in-verdrietige vrouw alleen. Ik ben daarna nog jaren plaatsvervangend boos voor mijn moeder gebleven op alle buurmannen van dienst.
Dat is een beetje over. Want ach, waarom zou je ze die macht geven, de buurmannen? Als zij willen heersen over fietsplekken, parkeerplekken, vuilnisplekken en andere kleine stukjes stoep hebben ze kennelijk niks beters om zich mee bezig te houden en hoe treurig is dat? Het is sowieso hun probleem. 

Bekogelen

Aan de andere kant, ik mag van mijn psych niet meer zo vaak vergoelijkend ach zeggen, moeten we misschien binnenkort niet eens met zijn allen op een duistere nacht de tuintjes van al die buurmannen gaan bekogelen met hun eigen vuilnis en nietjes en schuttingen? Wie weet hoe bevrijdend dat is.

Op het personeelsuitje vandaag gaan we de cursus ‘staan als een boom’ doen. Dat is iets Tai Chi-achtigs om je meer en steviger te aarden, geloof ik. Ik ben er helemaal klaar voor!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*