Mieren en maden

Ik heb ooit een muis gecremeerd in de broodrooster.

Toen ik studeerde, drie hoog achter de Pijp. Het was daar toen wat groezeliger dan nu. Ratten, muizen en kakkerlakken zag ik elke dag.

Muis in de broodrooster

’s Nachts hoorde ik de muizen knagen aan mijn kleren. En toen ik een keer hongerig thuiskwam van college en hup een boterhammetje in de rooster propte, bleken ze dus ook daar te zitten. De geur die toen mijn kamertje in wolkte, deed vermoeden dat ik een heel mens geroosterd had, en bleef nog weken hangen.Tot mijn schaamte moet ik zeggen dat ik nog serieus heb geprobeerd de broodrooster ‘schoon’ te krijgen. Dat lukte niet.
De excuses die ik toen had (arm, jong, studentenkrot) heb ik allemaal niet meer. Dus ik er is werkelijk geen enkele reden waarom ik genoegen neem met de mieren, om maar eens wat te noemend. Piepkleine schatjes zijn het en ze trippelen standaard over mijn aanrecht. Ik denk eerlijk gezegd dat we ze al heel vaak hebben opgegeten, want ze zitten ook in de pannen.

Grappige witte dingetjes

Ook geen excuus (of heel misschien het warme weer) heb ik voor de dingen die er gebeuren met mijn vuilniszakken. ‘Het is maar goed dat de vuilnisman vandaag komt want die zak loopt anders zelf wel weg van het platje,’ hoorde ik mezelf laatst tegen de dochter zeggen. Het duurde even voor dat in volle omvang tot haar doordrong. Maar ik had de poezen wel zien spelen met die grappige witte dingetjes die uit de zak krioelden. ‘Mama, nee! Gadver.’
Je hebt stoere huismannen en huisvrouwen die dat soort zaken onder controle hebben. Ikzelf faal jammerlijk, nog steeds. Los van de dochter, die geen keus heeft, denk ik niet dat er ooit nog iemand met mij en mijn microkosmos wil samenwonen. Terecht!

 

Reacties (2)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*