Op kantoor

‘Maar kan jij dat wel, mam? Snap jij dat soort dingen?’

Ja, ik kan op een kantoor werken. Ik kan het ding dat Intranet heet en met computers die niet Apple zijn. Ik kan mensen via een digitale agenda uitnodigen voor iets en op een vergadering dingen zeggen die interessant overkomen. Ik kan kantoorjargon en kunstjargon, zoals nu bij de film ‘score’ zeggen in plaats van soundtrack.

Namens de afdeling

Hoe gewichtig om tussen alle andere kantoormensen in alle vroegte de deur uit te gaan met een slick jasje aan. Ik neem zelfs een boterhammetje mee en een appel (die ik dan ver voor lunchtijd al opeet).  Omdat het tijdelijk is ben ik ook niet van de snipperdagen en zo zat ik gisteren zo ongeveer als enige een gigantisch kantoor te bemensen. ‘Ik ben in de kerstvakantie aanwezig namens de afdeling,’ had ik beloofd. Niemand was aan het werk op collega-kantoren, dus er gebeurde eigenlijk niet zoveel. Ik deed een aantal klusjes, maakte een paar plannen, loste een mini-probleempje op bij de kassa en at mijn brood te vroeg. Buiten was alles donker van de lage wolken die maar niet openbraken.
Toen belde mijn redactrice en voor het eerst die dag stroomde er knisperende benzine door mijn hersens, krakend kwamen ze op gang terwijl we de laatste hobbel bespraken die publicatie van mijn nieuwste boek nog in de weg zit.

Aan het eind van de dag liep ik weg via de voorkant van het gebouw waar het verrassend druk geworden was met vrije mensen die naar de film gingen. Les uns et les autres draaide nog en even overwoog ik de verrukkelijke en ook stoere optie om met mijn magische pasje de bioscoop in te gaan en mijzelf schaamteloos op drie uur jeugdsentiment te trakteren.
Maar nog liever wilde ik snel naar huis, naar mijn boek.

Reacties (1)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*