I feel like this is the beginning

Op de Heerenmarkt, om de hoek, is een zandbak. Als ik de flessen in de glasbak gooi, zie ik ze zitten: de nieuwe moeders, te herkennen aan de wezenloze moeheid in hun blik, blij met het bankje onder de bomen, maar hun ogen voortdurend flitsend naar dat propje kind in het natte zand, bij de glijbaan, op de steentjes. Vallen ze niet, huilen ze niet, zijn ze er nog wel?

Dat bankje, lieve Bloem, was mijn bankje. En jij dat propje kind.

7 mei 1997

7 mei 1997 werd je geboren, op de Brouwersgracht. En daarna begon ook mijn leven opnieuw. Geen idee hoe het zou zijn gelopen als ik geen moeder was geworden. Ik had op andere plekken gewoond, ander werk gedaan, zelfs de liefde tussen je vader en mij zou een totaal andere zijn geweest. Ik heb daar tegenover jou ook nooit geheimzinnig over gedaan. Kinderen leggen knopen in je vrijheid, hele dikke. Jij hebt daar goed naar geluisterd, misschien wel te goed, want je laatste plan is er zelf maar nooit aan te beginnen, aan kinderen.
Maar dezer dagen denk ik weer vaak aan mijn eigen wijze moedertje. Dan kwam ze op bezoek op de Brouwersgracht en later in Durgerdam en dan zag ze me ploeteren. ‘Weet je,’ zei ze dan. ‘Nu denk je dat dit je hele leven is. Maar het is ook eigenlijk zo weer voorbij.’
En inderdaad, lieve Bloem, overmorgen word je twintig en alles ligt wéér open.

Geluk

Meisjemeisjemeisje van me. Wat ben je groot nu, wat ben je zelfstandig. Je verdient je eigen geld, reist de hele wereld over, bruist van de plannen, vrienden, je eigen huis, Ik kan mijn ogen weer stil houden, als je nu van de glijbaan valt, sta je zelf weer op.
Maar er is iets anders gebeurd. Een nieuwe zachtheid die me overvalt als ik aan je denk, als ik je zie. Dat jij er bent, prachtige Bloem, waar dan ook, is – en o, wat hoor ik mijn eigen moedertje praten als ik dit zeg – het allergrootste geluk.

Reacties (2)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*