Dag zee, dag Spaanse zee!

Wat heb ik vaak zo gezeten, precies op deze plek.

Het was de laatste pleisterplaats voor we ruim acht jaar geleden de enkele bootreis Afrika kochten. En wonderlijk genoeg (want we gaan altijd alle kanten op maar zelden terug) een plek waar we in de jaren daarna steeds weer terugkwamen, tussen alles door.

Altijd wind

Misschien komt het door de levante en de poniente, altijd wind hier in Tarifa, altijd hard en verraderlijk. Of door de wijde koude zee. Doordat je binnen een uur totaal onder het knarsende zand zit en de paar barretjes op het lange wijde strand te zanderig zijn voor al te hippe lounge. Of is het dat je Afrika ziet liggen aan de overkant en onze auto met opgelapte daktent erbij staat alsof we morgen weer verdergaan. Is het de zee die elke keer tegen je op spat als een te blije jonge hond?
We zijn er deze keer maar drie dagen, het is een soort afscheid. Meer vakantie zit er deze zomer niet in, niet met het terras en de herberg die we gaan runnen.
Maar drie dagen Tarifa is heel wat. Het is: dag en nacht het geruis van de golven en de wind. Ik word er zoals altijd vroeg van wakker. De obers van de strandbar zetten na al die jaren ongevraagd een cortado bij me neer, ook al zijn ze eigenlijk nog niet open. Eentje vraagt zelfs: ‘Wanneer komt er nou eindelijk een Spaanse vertaling?’
Ach ja, hoeveel boeken vonden hun bron hier, hoeveel brieven, verhalen, dromen ?

Het eindeloze niks

Vandaag heb ik niks te schrijven. Mijn hoofd is te vol met alles wat deze maand gaat veranderen, het nieuwe leven in Amsterdam. Toch zit ik hier. op mijn vaste plek bij het wakkerworden van de zee. Te wachten.
En ja, het gebeurt. Heel even, maar toch. Ik krijg de leegte terug. Het eindeloze niks van de wijde lucht – of eigenlijk van de wind die alles meeneemt, hoog en ver en nooit meer terug.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (4)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*