Heerlijk liegen

‘Mam, kan je rond deze tijd al pieten op het dak verwachten?’
Wat klopt er niet aan deze zin?

Ze kan delingen maken die eindigen op het getal oneindig. Zonder enig probleem naar een extreem bloederige aflevering van Dexter kijken (zestien plus, waar heb ik dit mis laten gaan?). En haar lievelingsboeken van dit moment hebben echte kus-scènes erin, liefst lekker lang en verliefd. Dan zwijmelt ze weg in haar bed met haar hoofd onder de dekens.
Maar Sinterklaas bestaat, daar twijfelt ze geen seconde aan.

Droom

Het komt elk jaar terug. Zussen die hartstochtelijk tradities in ere houden. Een moeder die (bijna) niks leuker vindt dan de Sinterklaasintocht op tv kijken, met warme chocolademelk en zelfgebakken speculaas erbij. En niemand hier in Spanje om die jongste uit de droom te helpen.
‘Zullen we haar dit jaar dan maar mee laten doen met lootjes trekken?’ We kijken elkaar aan. Volgend jaar moet ze er echt aan geloven of nou ja – niet meer aan geloven is het natuurlijk. Ik kan dit schatje niet naar de eerste klas van een Amsterdams gymnasium sturen en dat ze dan rond december serieus gaat vertellen dat ze vannacht écht een piet hoorde op het dak. Dat zou een kamikaze-actie zijn en een keihard ontwaken uit de meest hardnekkige en misschien wel allerfijnste kinderdroom. Beter om het zelf te doen, met goeie zinnen als ‘Maar als het eenmaal december is geloven zelfs alle volwassenen stiekem weer een beetje.’  Dat hielp indertijd bij haar zus. Een beetje.

Laf

‘Nee, over een paar dagen gaan die pieten pas rondzwerven. Als het Sinterklaasjournaal begint,’  zeg ik tegen mijn elfjarige.
‘Maar je weet het nooit helemaal zeker,’  zegt ze kordaat. ‘Ik kan me maar beter een beetje netjes gedragen. En een brief aan sint schrijven dat ik écht niet al die dure cadeautjes van mijn verlanglijstje hoef te hebben. Alleen marsepein is ook al goed.’
Dus sta ik nu alweer met een brief aan Sinterklaas in mijn handen. ‘Ik bewaar hem voor in je schoen volgende week,’ zeg ik. En tegen haar zussen zeg ik dat ze de lootjes moeten gaan klaarmaken. Voor ons, niet voor hun zusje.
Laf misschien, maar ik kan het niet. Ik wil dat rotsvaste vertrouwen, dat argeloos blije kind. Nog even heerlijk liegen. Nog héél even…

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (4)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*