De muziek helpt ons er doorheen

‘Je moet hier een blog over schrijven, ‘ zegt mijn lieve Chaia, ‘en dan heet het ‘De muziek helpt ons er doorheen’.

Heb ik al eens gezegd dat ik niet houd van autorijden? En vooral niet in de nacht, in de mist, in de regen, in de bergen met vorst aan de grond.
En dus moest ik laatst… precies.

Nachtblind

We vertrokken om een uur of zes, en waren pas om acht uur in Granada om Bloem op te halen, een reisje waar je normaal drie kwartier over doet. Het begon al met dat ik dacht: wat zie ik toch weinig. Ik ben een beetje nachtblind, maar zo erg…? Dat dacht ik al een dag of drie maar nu ontdekte ik pas dat de voorlichten kapot waren. Er scheen alleen één zo’n piepklein bijlichtje.
Gelukkig hielp de man van de garage me even uit de brand door iets onduidelijks bij te stellen onder motorkap. Echte stoere vrouwen letten dan op wat en hoe, maar ik stond er alleen maar bij te giechelen. Zodat ik tien minuten later -we waren inmiddels in dichte mist en ver voorbij een dorp of stad, dacht: ‘Ben ik nou gek of…?’

Afgrond

Zo ging dat licht dus naar willekeur aan en uit. En met groot licht door de mist rijden, bleek totaal geen optie (probeer het maar eens).
Mijn twee jongsten waren ondertussen allerliefst. ‘Rustig mam, heel goed. Daar komt een bocht naar links zie je, nu even extra langzaam, pas op voor die tegenligger, kijk uit daar is de afgrond.’
Tegen de tijd dat we in Granada waren, waren mijn handen ijskoud van puur angstzweet. Toen vervolgens ook nog alles opgebroken en afgesloten bleek voor een metro die al jaren nooit komt, kostte me dat mijn allerlaatste grammetje vrolijkheid.
‘Papa gaat hier altijd tegen de richting in,’  zeiden de meiden voorzichtig.
‘Hoe kan dat nou met die stroom tegenliggers,’  grauwde ik.
‘Papa gaat dan over de stoep en door dat parkje…’
‘En ik niet!’  gilde ik hysterisch en na het zoveelste zinloze rondje barstte ik keihard en onmoederlijk (wat is dat nou voor voorbeeld?) in tranen uit.

Tactiek

Toen we eindelijk bij Bloem waren, moesten we weer terug, met iets minder mist gelukkig, maar nog steeds met dat moeilijke licht in het duister.
Bloem had meteen een tactiek: ‘Jongens, we gaan Sinterklaasliedjes zingen.’
Nu ken ik – en Bloem ook- de meest obscure Sinterklaasliedjes uit mijn hoofd en van echt alle liedjes alle coupletten, dus daar waren we heerlijk lang mee bezig.
En daarna gingen we over op kampvuurliedjes, Streets of London, Suzanne, af en toe zelfs tweestemmig. Dunya viel er zachtjes bij in slaap.
Het werd een lange, loodzware, maar toch ook dierbare tocht door de nacht terug naar huis.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (1)

  • Oh Anna wat een geweldig blog!! Maar ik kan je ZOO GOED begrijpen! Ik was zeker ook op dat punt in huilen uitgebarsten…
    Wanneer wordt die goed werkende nissan nou eens aangeschaft? hihi

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*