The sound of sunshine

‘Chaia doe de ramen dicht. De rook van de barbecue waait naar binnen.’
‘Juist fijn. Dat is de geur van het strand’
Ja, alle Spaanse volksstranden ruiken in de zomer naar geroosterde sardientjes. De mensen liggen niet in de zon, ze eten – vis, heel lang en heel veel, aan plastic tafels.

De Spaanse zomer ruikt dus naar rook, smaakt naar rijpe kersen en draagt de belofte van een eindeloze galop.
De vierkante hooibalen die van de ene dag op de andere op het land zijn verschenen, zijn voor de meiden de ultieme aankondiging van geluk: ‘Yes! Nog heel even!’ Dan zijn de velden weer leeg en kunnen ze er met de paarden dwars doorheen, keihard heuvel op heuvel af
Voor mij is de zomer dit: heel vroeg opstaan en urenlang in de stilte en de koelte schrijven met de verandadeuren wijd open. Totdat de zon echt wint.
The sound of sunshine: zachtjes zoemend, de onvermijdelijke wespen.
En to even things out een man die ver weg is en een superstrenge puberdochter. ‘Mam, dat rokje! Echt leuk hoor, maarre… wel héél erg kort.’
‘Dat kan ik wel hebben, toch?’
‘…. ‘ (stilte) ‘En mam, heb je eigenlijk al foundation op?’
Alsof ik ooit… als ik niet uitga en toch al bruin ben. En dat ik dan toch zeg: ‘Bedoel je dat het glimt of dat ik rimpels heb?’
‘Zoiets ja.’
Ach het is zomer, lange hete smachtende zomer.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (2)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*