Drie stewardessendoosjes vol

‘Ik weet even helemaal niet waar het over gaat,’  zegt mijn moeder een paar keer per dag.
Ze logeert tien dagen bij ons op de cortijo, waarschijnlijk voor het laatst. Het is groot en veel voor haar om uit haar vertrouwde tehuis te zijn.

We houden oma strak in de gaten want af en toe gaat ze zomaar aan de wandel en dan is dit huis ineens een doolhof vol rare hoekjes en griezelige trapjes.
Ook ‘s nachts gaat het gestommel door. Volgens Bloem (die haar badkamer met oma deelt) gaat ze zeker twintig keer per nacht naar de wc.
‘s Ochtends begeleidt Dunya haar naar het ontbijt: ‘Steun maar op mij, oma.’

Koffie met een plakje worst

Het is mijn grootste angst: kortsluiting in je hoofd. Tien keer binnen een uur dezelfde vraag stellen.
‘Heb je lekker geslapen?’
‘Ja hoor mam.’
‘Mooi. Heb je lekker geslapen?’
‘Ja dat zei ik toch net.’
‘O, sorry. Waar is hier ook alweer de wc? O ja, En schat, heb je lekker geslapen vannacht?’
Verder is het extreem associatief denken wat mijn moeder doet. Vaak snap ik haar toch, kan ik de bruggetjes zelf maken, omdat ik weet: dit doet haar denken aan vroeger, toen… Of aan die en die persoon of deze situatie.
Soms is het grappig. ‘Wil je iets bij de koffie mam?’ ‘Ja, een plakje worst graag.’
En soms gewoon onbegrijpelijk. ‘Ik heb zoveel oorbellen,’  zegt ze. ‘Drie stewardessendoosjes vol.’
Ik zie dat Bloem net als ik bij dat woord blijft haken. ‘Wat voor doosjes, oma?’
‘Stewardessendoosjes,’  snauwt mijn moeder – alsof wij domme kinderen zijn die werkelijk niets begrijpen.
Dus nu probeer ik me dat woord eigen te maken. Ik denk dat ze KLM-blauw zijn, die doosjes, of misschien heel licht. En dat je er ook heel goed make up in kunt bewaren.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (1)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*