Paella-wedstrijden

Het zal vast als een grote verrassing voor jullie komen, maar donderdag is het Dia de Andalucía. Hier weet elke kleuter dat.

Een van de jammere dingen van Nederland is dat wij (jullie?) zo weinig tros zijn op wat we hebben. Folkore is een eng Volendam-woord en over alles wat daarbij hoort hangt altijd zo’n zweem van toeristenkitsch. Klompen. Kaasmarkt. Molens. Tulpen.

Olijfolie en Spaanse ham

Wie wel eens hier bij ons op de berg is geweest, weet dat ik een echt Nederland-hoekje heb. Heel expat en fout, met Delftsblauwe troep erin en echte anijsblokjes. De schaamte ben ik gelukkig allang voorbij, ik vind het mooi!
Net zoals ik in Spanje houd van het Granada-aardewerk met de geschilderde granaatappel in het midden en ook heel erg van onze (hun?) olijfolie.
Olijfolie en Spaanse ham, dat krijgen de kinderen op de basisschool morgen allemaal mee naar huis. En trots dat ze daarop zijn! Op alles dat met Andalusië te maken heeft.

Vuurtjes op het schoolplein

Op de middelbare school houden ze morgen heuse paella-wedstrijden. Elke klas stookt een vuurtje op het schoolplein en in grote pannen maakt iedereen zijn eigen paella. Er is een echte jury die komt proeven en kijken welke klas de tafel het mooist heeft gedekt.
Goeie paella maken is een kunst. Ze doen het bij elk feest en het luistert nauw. Ikzelf heb les gehad van mijn Spaanse vriendin en nu durf ik het eindelijk zelf ook te maken als er Spanjaarden bij zijn. Het liefst in de zomer, buiten. We hebben er een speciale paella-stookplaats voor gemaakt, met een enorme pan.
En als er heel veel mensen bij ons komen, kan ik altijd de reuze-pan van de gemeente lenen. Daar heb ik één keer paella in gemaakt, ik denk niet dat ik me ooit meer Spaanse heb gevoeld dan toen.

Paella-recept

(zoals ze het in Andalusië maken, dus geen gedoe met kip enzo)
Ui fruiten. Arborioirijst even meefruiten (soort rijst is extreem belangrijk). Stukjes tomaat erbij of blik gepelde tomaten en paella-kruiden (liefst uit een zakje, neem ze niet als ze te oranje ogen) en dan steeds een beetje water, net zoals je risotto maakt. Staart van zeeduivel mee laten sudderen en halverwege ook een paar handen erwtjes. Zonder erwtjes is het niet echt! Tegen het einde venusschelpen erbij en mini-octopusjes (ingewanden eruit halen) en eventueel garnalen. Langzaam gaar laten stoven op niet te hoog (hout)vuur. Beetje citroen erover.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (1)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*