Woest waaiende wimpers

Je bent negen jaar. Snel, slim en reuze onafhankelijk.
En je gelooft nog onvoorwaardelijk in Sinterklaas.

Drie jaar was je toen je uit Nederland wegging en toen wist je Sinterklaas niet echt van opa te onderscheiden. Maar je had twee grote zusjes die bij de eindeloze vrijheid van het reizen een enorme hang ontwikkelden naar vaste rituelen. Van voorlezen tot paaseitjes zoeken – al was dat middenin de woestijn en waren de eitjes allang gesmolten.
Het allerkrachtigste ritueel was misschien wel het vieren van Sinterklaas. Het was vaak ook een wonder. Pepernoten in het oerwoud, een bons op de deur ergens op een verlaten eiland bij Mozambique. En dan zaten daar drie blonde meisjes hartstochtelijk alle coupletten van ‘O kom er eens kijken’  te zingen.

Spaanse chocoladeletters uit Nederland

Je kunt inmiddels deelsommen met rest oplossen en in vloeiend Spaans uitleggen hoe de spijsvertering werkt, maar over de ingewikkelde interactie tussen Spanje en Nederland als het gaat om Sinterklaas stel je geen enkele vraag. Je gelooft gewoon alles. Dat hij hier in Spanje vertrekt en aankomt in Nederland en dat dat  ‘bij ons’ is want in Spanje vieren ze geen Sinterklaas. Maar dat er dan toch altijd wat pieten juist weer hier blijven, alleen voor jou.  Pieten die op hun beurt chocoladeletters meenemen die zijn gekocht bij de Nederlandse Hema. Logisch toch?
De hele week praat je al over de intocht. Dat we speculaas gaan bakken met de kruiden uit Nederland, en dat je je schoen gaat zetten bij de kachel met het vogelnestje in de schoorsteen ‘want die steken we toch nooit aan, hè mama?’
Zonder de hulp van andere kinderen behalve je zussen, worstel je dapper met de liedjes. en waaien, zoals bij zoveel generaties kinderen voor je, de wimpers woest heen en weer. Je stopt geheime briefjes in je schoen en tijdens het Sinterklaasjournaal ben je volledig in de ban. Ach, de blik van een kind dat niks anders meer ziet en hoort, dat vergeet haar mondje dicht te doen…

Vogelnestje

Het zijn je zussen die hebben besloten dat we eind november met jou naar Nederland gaan. ‘Dan kan ze één keer Sinterklaas in het echt zien. En alle sinterklaasetalages.’
Dus ja, daar sta je dan straks in Amsterdam, negen en zwaar gelovig. Met een beetje geluk krijg je de kans om het fluweel van de tabberd te voelen, of het krullerige van die onwaarschijnlijk witte baard.
O, ik hoop zo dat niemand je uit die droom schopt, expres of per ongeluk. Nu niet en nooit. Dat je kunt opgroeien tot de sterke, originele vrouw die nu al in je zit. Met al je gekheid en vrolijkheid en genoeg veerkracht om het leven een beetje te relativeren op zijn tijd. Maar dat je altijd stil zult blijven vallen  bij het zien van die ene man, je hart vol verwachting kloppend, en dat je nooit zult vergeten hoe fijn het is om geheime briefjes omhoog te sturen door de schoorsteen met het vogelnestje erin.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (4)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*