Het sterven van een zeebarbeel

Je kunt mij echt alles aansmeren. Zelfs de Spaanse Wachttoren belandt altijd op de eettafel (en daarna natuurlijk wel in de prullenbak). Dus sta ik vandaag met een kilo kleine vieze visjes in de keuken.

‘Neem dit nou eens mee,’  zegt de man van het kleine supermarktje die een soort viskraampje in zijn winkel is begonnen (net zoals de slager een groentekraampje enzovoort – allemaal crisisbezwering). ‘Het lijkt op sardine maar dan lekkerder.’
De oranje visjes staren me hoopvol aan met hun dode oogjes. ‘Moet ik ze grillen?’ vraag ik met lichte tegenzin. ‘Grillen, frituren, beetje grof zeezout erbij en klaar,’  roept de man die voelt dat hij beet heeft, ‘en dan krijg je er van mij gratis deze mooie Coca Colarugzak bij.’

Gelukzaligheid

Ik moet vaak op internet zoeken wat voor eten ik nu weer heb gekocht en hoe je dat klaar moet maken. Een soort andijvie maar dat is dan snijbiet, witte wortels die pastinaak heten, bleekselderij die geen bleekselderij is maar iets waarvan ik de naam nu alweer ben vergeten, raar cactusfruit dat chirimoya heet.En vandaag dus salmoneta, want zo heten die visjes. Zeebarbeel is het, dat klinkt als een liedje. Google de zeebarbeel en je krijgt er allemaal verhalen bij. De oude Romeinen waren er al gek op, schijnt, en Cicero zelf beschreef hoe ‘.. onze hoogste senatoren denken dat zij de opperste staat van gelukzaligheid hebben bereikt, als ze zeebarbelen in hun vijvers hebben, die uit hun hand komen eten.’ Mijn armoedevisje uit de supermarkt een heus statussymbool, wie had dat gedacht!
Maar het meest bizar is wel het volgende citaat, van Seneca: ‘Niets is mooier, zeg je, dan een stervende zeebarbeel; op het hoogtepunt van zijn doodsstrijd zie je eerst een rode, dan een bleke tint opkomen, ook de schubben veranderen en op de scheidslijn tussen leven en dood doorloopt de kleur een heel spectrum aan ongrijpbare tinten. Moet je zien hoe mooi dat rood opvlamt, schitterender dan vermiljoen! Zie hoe zijn aderen kloppen in zijn flanken! Kijk! Zijn buik lijkt wel van bloed. En wat een lichtend blauw blinkt er net onder zijn voorhoofd. Ah, nu verstijft hij al en verbleekt hij en vloeien de kleuren ineen.’

Ach die arme zeebarbeel. Probeer hem dan nog maar eens op te gaan eten.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (1)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*