Schattige nerds

‘Alle kinderen in een rij, op afroep van je naam naar voren komen, identiteitskaart in je linkerhand.’  We zijn bij de universiteit van Granada, waar mijn dochter van dertien rekenexamen doet. Ik kijk mijn ogen uit. Niet naar de kinderen, naar de volwassenen.

Ilco heeft het mij de avond ervoor nog vrij ontluisterend uitgelegd: ‘Dit is gewoon een handige economische actie. Selecteer de slimste kinderen van het land en bind ze zo jong mogelijk aan je. Dat zijn de uitvinders van de toekomst, geen enkel land kan zonder ze – zeker Spanje niet.’

Harig

Moet Chaia Spanje gaan redden? Samen met al deze andere door hun school uitgekozen kids van twaalf en dertien jaar oud? Ik zie ze dapper de collegezaal in gaan om een idioot moeilijke wiskundetest te maken en ik voel een diep medelijden. En een grenzeloze bewondering, dat ook.
Zelf moet ik met de ouders in een andere zaal, waar een karikatuur van een oude wiskundeprofessor (kaal, brilletje) en een karikatuur van een jonge wiskundeprofessor (harig, brilletje) de ouders aanraden niet boos te worden als hun kind de test niet haalt. ‘Er zijn negenhonderd kinderen geselecteerd en alleen de vijftig allerbesten gaan door.’
Vervolgens barst het spervuur los. Wanneer horen we de uitslag? Zijn er ook herkansingen? Krijgen meisjes voorrang? Krijgen kinderen uit Granada voorrang? Krijgen ze straks voorrang op de universiteit? De ene ouder is nog fanatieker dan de ander. Per kind zijn er vaak twee, soms is ook de oma mee, maar allemaal hebben ze van die strenge, verbeten gezichten. Het zal de crisis zijn, sus ik mezelf, dit is misschien de enige zekerheid op werk voor hun kinderen. Maar niemand vraagt: ‘Is het eigenlijk leuk, dat ze om de zaterdag naar de universiteit moeten en wordt er ook wel een beetje gelachen in dit ouwe, grauwe gebouw?’ Zo heet en zo donker, nog even en ik stik.

Wiskundemeisje

‘En?’ ‘En?’ De aasgieren stormen op de kinderen af. Chaia komt als een van de laatsten naar buiten, wat bekent dat? Is ze in paniek geraakt door die stomme stress om haar heen?
Maar daar is ze al, vrolijk en wel. ‘Heb je al die nerds gezien? Schattig he?’
In twee uur heeft ze drie van de vijf opgaven kunnen ontraadselen, vertelt ze. Ik vind het enorm knap. Dat moeten we vieren en Chaia weet al waar: ‘Nu we toch in Granada zijn… ‘
Dus sta ik even later met mijn wiskundemeisje in de enige echte flamencowinkel. Overal jurken als suikerspinnen, ruches en bloemen, rood en zwart. De zomerfeesten komen er weer aan dus overal draaien vrouwen rondjes in de meest geweldige gewaden. Dit snap ik, heel goed zelfs. We gaan nooit meer weg, zelfs ik hul me in een sobere jurk (‘een oefenjurk’  zegt Chaia). Zal ik die kopen voor de boekpresentatie van Kom hier Rosa? Chaia krijgt een nieuwe waaier, nieuwe schoentjes (‘semi-professioneel, zie je dat?’), een hoge kam, een hoed en vooruit, ook maar een nieuwe stippeltjesrok. Ze danst ermee door de winkel. Viva la Chaia!

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (2)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*