In a land of fantasy

Als ik in het vlieguig terug naar Spanje zit, ga ik heel diep zuchten. Of misschien wel heel hard huilen. Dat heb ik dezer dagen wel een paar keer gedacht. Ik vond het zo eng wat ik aan het doen was in Rwanda. Elk keer als ik weer ergens op een school was geweest, was ik alweer zenuwachtig voor de volgende.
En nu zit ik dus in dat vliegtuig terug. In de meest magische nacht van het jaar nog wel: samhain, heksennieuwjaar.

Ik blader door mijn opschrijfboekje. Zoveel flarden waar ik nog over na moet denken.
Er staat bijvoorbeeld wel drie keer: liegen. Omdat de Rwandezen dat zo goed kunnen. Dat zegt iedereen die met ze te maken heeft en zijzelf ook (ze zijn er tots op). Volgens mij heeft schrijven veel met liegen te maken. Maar ook juist met heel erg eerlijk zijn, hoe zit dat dan? Overigens had de Engelse directrice over wie ik het al eerder heb gehad (die van de ‘ kritisch-nadenken school’  er een simpel antwoord op: ‘Niet liegen. Je mag op mijn school ruzie met me maken, je mag zelfs naar me spugen, maar liegen niet. Dus dat doen de kinderen hier dan ook niet.’
Andere aantekening: Chiel. Een oude hippie die middenin de figuurlijke woestenij een enorme boekwinkel runt. En dat al jarenlang. Nooit eerder in dit deel van Afrika iets vergelijkbaars gezien. Een held!
Maar ook: bibliotheek. Een of ander Nederlands project: een van de scholen heeft een grote bibliotheek gekregen. Een zaal met hoge houten kasten, propvol boeken. In die kasten staan Engelstalige afdankers uit Nederlandse bibliotheken. Geen kinderboeken dus en ook geen klassiekers als Lord of the flies. Wat moeten Rwandese kinderen in Godsnaam met boeken als Fear of flying van Erica Young? Dat is net zoiets als zo’n school trots een doos afgekloven potloden komen geven (ook echt gebeurd).
Genocide. Het staat er een beetje plomp. Realiteit en startpunt voor iedereen die in Rwanda woont en werkt maar niet voor mij. Ik schrik gewoon heel erg als ik cijfers voorbij zie komen van een of ander VN-traumaonderzoek zoals dat 91% van de kinderen dacht dat hij dood zou gaan in de oorlog en 88% dode lichamen of stukken ervan gezien heeft. Denk daar een tijdje over na en alles begint te schuiven.

Residentie

De stewardess komt langs maar ik heb al gegeten: in de residentie van de ambassadeur (denk bij dat woord aan een soort modern kasteel met damast, kaarsen, overal personeel). Zat ik daar aan de lange tafel bij mensen die zich dagelijks bezighouden  met het oppakken van oorlogsmisdadigers, creatief middelpunt te zijn. En ook dat kon ik ineens. ‘Dank je wel dat ik je had’ zei de ambassadeur en, zelfs een beetje spijtig:  ‘Nu is het alweer voorbij.’ Maar we praten ook al stiekem over vervolgbezoeken.
Nu staar ik vanuit het vliegtuig de heksennacht in en denk: wil ik dat? Echt?
Er was absoluut iets magisch aan deze dagen. We konden elkaar lang niet altijd makkelijk verstaan (zelfs als ze Engels spreken, is het nog een lastige variant), maar de verhalen liggen in Rwanda heel dicht onder de oppervlakte. Vergelijk dat bijvoorbeeld met de Spaanse campokinderen: daar is het veel moeilijker om de fantasie te prikkelen. Misschien omdat het leven op het Spaanse platteland zo rustig en veilig is?  De wereld van de kinderen in Rwanda is een en al kwetsbaarheid en onzekerheid. Toch (juist?) storten ze zich met een ontwapend soort gretigheid op alles wat met verbeelding en verhalen te maken heeft. Ik heb het met mijn eigen ogen gezien, best vaak eigenlijk. Aan hoe ze naar mij en mijn boeken keken, aan de trillende stemmen als ze hun eigen verhalen voorlazen, soms bijna huilend, en aan hoe snel en makkelijk ze zich op mijn schrijfopdrachten stortten. Victory in a land of fantasy.
Nou ja, en als ik daar ben beland met mijn gedachten moet ik natuurlijk toch huilen. Ook omdat ik zo moe ben en een soort binnenstebuiten gekeerd, denk ik, maar daar trappen de halloweenheksen die nog steeds om het vliegtuig fladderen mooi niet in. Ook bij mij is iets veranderd; ik weet alleen nog niet precies wat.

Categorieën: verhalen van de berg

Reacties (2)

  • Nancy Wiltink

    Welkom thuis

  • Dag Anna,
    Ik geniet van je mooie verhalen over Rwanda, vol ontroering en twijfel. Maar vind je soms ook wat ongenuanceerd en kwetsend. Ik ben betrokken geweest bij het schoolbibliotheekproject waar je over praat. Het gaat om een bieb voor een middelbare school in Kigali met jongeren tot 25-30 jaar. Hoezo kinderboeken? Waarom denk je dat juist op die school de eerste literatuurstudenten van Rwanda zitten? Heb je in de administratie gekeken hoeveel boeken er wekelijks geleend worden? En ik verzeker je dat Lord of the flies ook aanwezig is; je moet echter wel bij de W van William kijken, want aan voor- en achternamen doen ze niet in Rwanda :-).
    Vriendelijke groet, Hans

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*