Homologizacion

Ik heb het even helemaal gehad met poezen en auto’s. Over poezen heb ik het een andere keer nog wel, maar nu eerst een belangrijke tip voor landverhuizers in spe die hun auto mee willen nemen: doe dat niet! Het is dat onze dochters keihard gaan huilen (en ikzelf misschien ook wel) bij de gedachte om afscheid te moeten nemen van ‘onze zeerover’ waar we twee jaar in gewoond hebben en die ons veilig de hele wereld over heeft gebracht, want anders zou je het er niet voor over hebben: al die mensen, instanties en euro’s die het kost om je auto Spaans te maken. Maar nu ziet het er, na ruim een jaar, eindelijk goed uit! 

De instanties

Een auto in Spanje heeft Spaanse kentekenplaten nodig, anders ben je niet verzekerd. Voor die kentekenplaten moet je ‘gehomologiseerd’ worden. Dat betekent dat er een internationaal papier moet zijn van de fabrikant. Probeer dat maar eens te krijgen voor een tweedehands Landrover met onduidelijke antecedenten. Zelfs de Nederlandse ambassade moet eraan te pas komen (‘Drie kleine Nederlandse meisjes achterin die niet verzekerd zijn, dat kan toch niet’ paniek ik aan de telefoon) en dan krijgen we na vier maanden een felbegeerd papier uit Duitsland (wat overigens drie instanties later door een boze man in de prullenbak wordt gegooid). 
Maar nu, ruim een jaar later, mag de auto eindelijk gekeurd worden. Als alles goed is, krijgen we de kentekenplaten, nu maar duimen!

Ik heb het even helemaal gehad met poezen en auto’s. Over poezen heb ik het een andere keer nog wel, maar nu eerst een belangrijke tip voor landverhuizers in spe die hun auto mee willen nemen: doe dat niet! Het is dat onze dochters keihard gaan huilen (en ikzelf misschien ook wel) bij de gedachte om afscheid te moeten nemen van ‘onze zeerover’ waar we twee jaar in gewoond hebben en die ons veilig de hele wereld over heeft gebracht, want anders zou je het er niet voor over hebben: al die mensen, instanties en euro’s die het kost om je auto Spaans te maken. Maar nu ziet het er, na ruim een jaar, eindelijk goed uit! 

De keuring

Dus sta ik vanmorgen op een idioot vroeg tijdstip te bibberen in een gigantische loods waar twee mannen onze auto tot op het bod ontrafelen. Een van de twee is een zeer appetijtelijk type, dus ik flaneer nog maar eens extra heen en weer in mijn gezellige jurkje. ‘Achteruit rijden en handremmen tegelijk? Hoe doe je dat? En oeps, geen idee waar het mistlicht zit. Ruitensproeiers? O, pardon, die gebruik ik nooit en ik zie nu waarom. Wilt u een doekje? Sorry hoor.’ Helaas, deze mannen zijn te professioneel, duidelijk getraind op zelfs het vermijden van oogcontact. Zelfs de tactisch neergelegde kinderspeeltjes (‘Ach, er hoort een heel gezin in die auto. Laten we hem maar snel goedkeuren’) duwen ze ongeinteresseerd opzij. Daar sta ik dan met mijn te blote jurkje in de kou, witte knuffelbeer in de hand.
En nee, de auto wordt niet goedgekeurd. Zo ongeveer alle dingen die hem leuk en Afrika maken (snorkel, trapje, stoere trekhaak) moeten eraf. ‘En kom dan nog maar eens terug.’ Of dat me dan ook weer 120 euro gaat kosten durf ik niet eens te vragen.
Weer op de snelweg spreek ik mezelf bemoedigend toe. Het is weer een stap verder, nu doorpakken en naar de garage. Misschien krijgen we die kentekenplaten toch nog voor kerst, dat zou nog eens een fijn cadeau zijn.
Het duurt een kwartier, dat blije gevoel dat je krijgt als je iets naars maar zinnigs hebt gedaan. Dan, nog steeds in volle vaart, begeeft mijn versnelling het en kom ik gierend in de berm tot stilstand.

Categorieën: verhalen van de berg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*